Uitgelicht

Beleggers en bedrijven naar dialoog duurzaamheid

De relatie tussen aandeelhouders en beursgenoteerde ondernemingen is veelbesproken. Lang voor maatschappelijke kritiek die ontstond tijdens de financiële crisis, was er al veel ergernis hoe aandeelhouders probeerden hun vaak op de korte termijn gerichte belang te laten voorgaan boven andere stakeholders

Betrokkenheid is medicijn tegen activisme en slecht bestuur

De kwaliteit van de governance van financiële en beursondernemingen staat sinds de financiële crisis weer volop in de maatschappelijke discussie, en terecht. De commissie de Wit en de Europese Commissie hebben in hun rapporten geen enkel heilig huisje gespaard en hun twijfels geuit over de deskundigheid van bestuurders en commissarissen, de kritische blik van accountants, de effectiviteit van governancecodes en de rol stemadviesbureaus, Zij hebben alle mogelijke factoren die van invloed zijn op de kwaliteit van het ondernemingsbestuur kritisch bekeken. Ook de institutionele belegger werd aangesproken op zijn rol in de crisis. Zij hebben de handschoen opgepakt om hun eigen governance te verbeteren. Dat heeft in het Verenigd Koninkrijk geleid tot een stewardship code. In Nederland heeft Eumedion begin deze maand de zogenoemde Best Practices geïntroduceerd.

Aandeelhouderswaarde van de accountant

Op 8 september werd onder leiding van publicist en hoogleraar Journalistiek Jeroen Smit een seminar gehouden over de aandeelhouderswaarde van de accountant. De samenleving en andere stakeholders zoals de grote beleggers verwachten veel meer van de accountants, dan zij tot voor kort als hun taak zagen. Maar met het Plan van Aanpak heeft de accountant de rol van Poortwachter op zich genomen. Het debat bij NBA in Amsterdam ging in de op de vraag of die rol de aandeelhouderswaarde van de accountant en daarmee van de onderneming die hij controleert verhoogt.

Nieuwe guidance om de relatie tussen onderneming en aandeelhouders te verbeteren

16-03-2013

De financiële crisis heeft er voor gezorgd dat ook de rol van de aandeelhouder onder de loep wordt genomen. De analyses over de rol van de aandeelhouder zijn tot nu toe niet eensluidend. De ene stroming zegt dat aandeelhouders zich te veel hebben laten gelden en bestuurders van beursgenoteerde ondernemingen onder druk hebben gezet om zich vooral te richten op het behalen van korte termijn resultaten. Een op lange termijn gerichte strategie zou in deze visie door bepaalde aandeelhouders zijn bemoeilijkt. De oplossing die deze stroming aandraagt: minder rechten voor alle aandeelhouders dan wel voor die aandeelhouders die op vooral de korte termijn zijn gericht. Dit is een discussie die vooral in Nederland speelt.

De andere stroming vindt juist dat aandeelhouders zich te weinig met de beursgenoteerde ondernemingen hebben bemoeid. Bestuursbeslissingen zouden door aandeelhouders onvoldoende kritisch tegen het licht zijn gehouden. Aandeelhouders zouden het bestuur onvoldoende ter verantwoording roepen voor geleverde prestaties. Deze stroming zet zich in op ‘betrokken aandeelhouderschap’, ook wel engagement genoemd: aandeelhouders die kritisch, doch constructief meedenken met het bestuur van de onderneming. Dit is meer de weg die in het Verenigd Koninkrijk wordt gevolgd en die ook de Europese Commissie bewandelt in haar vorig jaar verschenen Actieplan Corporate Governance. Ook Eumedion is meer geporteerd van die tweede stroming.

Want de uitgangssituatie voor betrokken aandeelhouderschap in Nederland is gunstig. Uit in opdracht van Eumedion verricht onderzoek blijkt dat Nederlandse institutionele beleggers een lange termijnfocus hebben. Gemiddeld wordt een aandeel van een Nederlandse beursgenoteerde onderneming 3,5 jaar aangehouden, waarbij 80% van de Nederlandse aandelen 5 jaar of langer wordt aangehouden en 55% zelfs langer dan 10 jaar. Onderzoek van de grootste vermogensbeheerder ter wereld, BlackRock, bevestigt dit beeld. De lange termijnfocus is een belangrijke randvoorwaarde voor echte betrokkenheid, maar is echter niet voldoende. Bereidheid van de kant van beleggers om zich goed in de ondernemingen te verdiepen, alsmede om tijd vrij te maken om in gesprek te gaan met bestuurders en commissarissen zijn andere voorwaarden. Daarbij hoort ook dat van de kant van bestuurders en commissarissen de bereidheid bestaat om kennis te nemen van de opvattingen van aandeelhouders en om daarover in gesprek te gaan; it takes two to tango.

De in juli 2011 door Eumedion opgestelde tien best practices voor betrokken aandeelhouderschap hopen bij te dragen aan een actieve houding van de Eumedion-deelnemers, gericht op het constructief samenwerken met beursvennootschappen op basis van onderling vertrouwen. Een tweede handvat om de dialoog tussen ondernemingen en hun aandeelhouders op een hoger plan te tillen is de guidance die een gemengde werkgroep van Britse beursgenoteerde ondernemingen en beleggers hierover recentelijk heeft opgesteld. Eumedion was ook bij de totstandkoming van deze guidance betrokken. Een centrale aanbeveling uit deze guidance is om ten minste een maal per jaar (buiten het drukke ‘AVA-seizoen’) een overleg tussen de onderneming en de belangrijkste aandeelhouders met een lange termijnfocus te hebben waarin vooral de strategie, het verdienmodel, de lange termijnprestaties, het risicomanagement en de governancestructuur worden besproken.

En hoewel de guidance zich primair richt op de relatie tussen Britse beursgenoteerde ondernemingen en hun aandeelhouders, kan zij ook goed toepasbaar zijn in de Nederlandse markt. Want ook in Nederland wint het afzonderlijk overleg (dus buiten de AVA) tussen Nederlandse beursgenoteerde ondernemingen en hun belangrijkste aandeelhouders aan belang. Het laatste rapport van de Commissie Streppel heeft dit aangetoond. De guidance kan behulpzaam zijn bij het ‘verdiepen’ van het overleg dat kan bijdragen aan een betere bewustwording van elkaars posities en aan een betere samenwerking tussen onderneming en belegger.

Rients Abma